DDR: een kinderboek

 

“Het is onze internationale plicht, de revolutionaire klassenbewustzijn niet te vergeten. Er is vrede omdat wij sterk en goed bewapend zijn.”

Deze zin van het staatshoofd, Erich Honnecker, staat als voorwoord in een “plaatjesboek” met de titel “Unsere nationale Volksarmee”, geschreven door Günter Milde. Het is een bijzonder boek. Het toont de gedrevenheid van het Oost-Duitse regime om het land te verdedigen. Het kinderboek behandeld niet de jeeps, de tanks, uniformen, etc. Echter de kinderen worden klaargestoomd om hun “socialistisch vaderland” te verdedigen.

Natuurlijk ontbreekt ook het vijandsbeeld niet. En wie de vijand is, dat ervaren de kinderen al in het eerste hoofdstuk. Onder het plaatje van de bevrijding van Oost-Duitsland, door het Rode leger, in 1945 staat: “De vijand is er weer”. Dit wordt vervolgens uitgediept. ‘Na de capitulatie van Hitler-Duitsland ontstonden westelijk van de Elbe drie bezettingszones, de Britse, Amerikaanse en Franse zones. In die zones vluchten de oorlogsmisdadigers, vooral de hoge piefen!’

Het gaat verder; de oorlogsmisdadigers ontlopen hier (de Russische bezettingszone) hun straf niet, ze zullen hardt moeten werken. “Aan hoofd van de West-Duitse politieke leiding komen, nadat alle communisten en antifascisten weggezuiverd zijn, de misdadigers van het Duitse imperialisme weer aan de macht. De bekendste is Dr. Konrad Adenauer, die later jarenlang Bundeskanzler was.” .. “In het begin van de jaren ’50 werd in de BRD (West-Duitsland) een nieuw leger (Bundeswehr) gesticht. Ze zijn vandaag de dag getalsmatig de grootste agressiemacht van West-Europa en lid van het imperialistische oorlogspact, de NAVO.”

Het boek gaat in de zelfde zelfverheerlijkende toon door. Interessant wordt het bij de titel “De 13de augustus 1961”.
Citaat: “In het voorjaar van 1961 bevond, de door imperialisten gestarte, Koude oorlog tegen de socialistische landen zich op een hoogtepunt… West-Duitse soldaten gedroegen zich bijzonder agressief. Ze bereide een militaire aanval op de DDR voor…
De DDR beantwoordde de agressie en voorkwam hiermee een derde wereldoorlog. Op 13 augustus 1961 werd in de hoofdstad van de DDR (Berlijn) de antifascistische muur om West-Berlijn gebouwd. Vanaf die dag wordt onze grens met West-Berlijn en de BRD tegen alle aanslagen beschermd.” Einde Citaat.

De kinderen in de DDR leren dus dat de muur gebouwd is om niemand er in te laten. Wat ze niet vertellen is het feit dat voor de bouw van de muur steeds meer mensen de DDR uitvluchten. Alleen al in de eerste helft van 1961 waren dat over de 100.000. Daarmee vluchten veel van de dringend benodigde arbeidskrachten. Meerdere bedrijven stonden door een gebrek aan arbeidskrachten op instorten. Op de voormiddag van 13 augustus 1961 mochten DDR burgers en Oost-Berlijners, West-Berlijn niet meer in. Maar West-Berlijners mochten wel naar Oost-Berlijn. Het is dus duidelijk dat de muur gebouwd is om geen mensen er meer uit te laten.

De grensbeveiligingssystemen van de DDR had ongeveer 45.000 automatische vuursystemen, dit is een grove schending van de mensenrechten. Het kinderboek hierover: “Het werk van de grenssoldaten wordt door een geavanceerd systeem, met o.a. helikopters, radiotechniek en signaleringssystemen vereenvoudigd.”
Over de mensen die de grens moesten bewaken wordt het volgende geschreven:
”Het werk bij de grenstroepen is afwisselend en interessant. Het werk vereist een goed moraal, politiek bewustzijn, waakzaamheid, discipline, moed en besluitvaardigheid. Het is vanzelfsprekend dat de grenssoldaat zijn wapens en de bijbehorende techniek kent. Daarnaast moet hij ook nog sporen kunnen lezen en  een goede grenssoldaat moet waakzame ogen en oren hebben.” …. “De goede band tussen ons volk en zijn soldaten is een erg belangrijke factor, die onze kracht en superioriteit over de imperialistische tegenstander aantoont.”

Een droombaan dus? Van het schietbevel staat niets in het boek. Van de naar het westen gevluchte grenssoldaten weten we, dat hun het volgende verplicht werd: “Jullie worden ingezet met de opgave om schendingen van de grens in beiden richtingen niet toe te laten, vluchtelingen op te sporen, ze in te rekenen of te vernietigen, provocaties op tijd herkennen en expansie ten koste van de DDR (invasie vanuit het westen) te verhinderen.” Verder zeggen de gevluchte grenssoldaten over hun oude werk: “Nadat een persoon de eerste versperringen is gepasseerd, meestal een onopvallende paal, moet hij aangeroepen worden met: ‘Halt, grenspost, handen omhoog!’. Heft de aangesprokene zijn handen niet omhoog en blijft hij niet staan, moet er een waarschuwingsschot gegeven worden. Blijft hij dan nog niet staan, moet er gericht geschoten worden, onverschillig hoeveel versperringen er nog te gaan zijn.” “Is de vluchteling zo dicht in de buurt van de grens, of dat een waarschuwingsschot de mogelijkheid tot een geslaagde vlucht vergroot, moet gericht geschoten worden. Bevindt de vluchteling zich reeds op de muur, hoeft men niet te twijfelen of de aangeschoten vluchteling aan de andere kant van de muur terecht komt, omdat men altijd tegen de vuurrichting in valt.” 

De aanwijzing, om parallel aan de grens te schieten, mag alleen uitgevoerd worden als het doel –namelijk het “vluchtelingen in te rekenen of anders te vernietigen” – gewaarborgd is. Heeft de vluchteling reeds de laatste hindernis gepasseerd, dan moet de soldaat liggend en halfautomatisch schieten. Daardoor wordt de trefzekerheid vergroot. Bovendien kunnen de omhooggeschoten blindgangers niet gevonden worden.

Hoe moet men zich tegenover de gewonde vluchteling opstellen: in de strook tussen de grenspalen en de Spaanse rijders moet de aangeschoten vluchteling geborgen  en naar een veilige plaats getransporteerd worden. Zodra de eerste medische hulp gegeven wordt moet de vluchteling doorzocht worden. Ligt de gewonde zo, dat de soldaat hem alleen kan bereiken door zelf een hindernis te passeren, mag hij niet gelijk geborgen worden. De berging mag dan alleen geschieden door een speciaal alarmteam. Bij sommige voorvallen waren er wachttijden van 20 tot 50 minuten. In geen geval mag een soldaat passeren of afbreken, om de gewonde medische hulp te geven. Met doorgeladen wapen moet de soldaat ervoor zorgen dat er van uit het westen (medische) hulp komt.

Wat het kinderboek over de Oost-Duitse grenstroepen verzwijgt, schrijft het wel over de West-Duitse grenstroepen. Over hun schrijven ze: “Ze heeft een militaire functie, die naar binnen, het eigen land (BRD) en naar buiten, de DDR is gericht. In de BRD worden de grenstroepen gebruikt om arbeiders en burgers die zich tegen uitbuiting verzetten te onderdrukken. Naar buiten toe zullen de West-Duitse grenstroepen, in geval van een oorlog, de stoottroepen van het Westen zijn.

Er volgen meerdere hoofdstukken over het “Sabotage- en Spionagecentrum” West-Berlijn, waar “Spionage opleidingscentra, onruststokende radiozenders en mensenhandelaars hun zetel hebben”

Verder beschrijft het boek uitvoerig verschillende wapens en de omgang met hen. De kinderen leren gedetailleerde schiet- en gevechtstechnieken.  Het boek wordt door de Oost-Duitse uitgever aangeraden voor lezers vanaf 12 jaar, en dat is jammer genoeg geen fabeltje.

Vertaald uit: http://www.aichberger.de/

Terug